Volksronde Roosendaal 01-08-2015

Voorafgaand op de Draai van de Kaai van de maandag vindt traditioneel op de zaterdagavond voordien de druk bezochte Volksronde plaats met wedstrijden voor trimmers en oud-profs, op het parkoers van de Draai. Nooit mochten er licentiehouders rijden. Tot dit jaar. Eindelijk kwam er een zogeheten open-klasse op het programma, waarbij licentiehouders aan het vertrek mochten komen. Doordat er niet heel veel ruchtbaarheid aan was gegeven was de opkomst niet heel erg groot, van de maximaal 60 te vergeven startplekken was goed de helft ingeschreven, maar dat mocht de pret niet drukken.

Met een keurig gepersonaliseerd rugnummer en nadat de laatste verkeerd geparkeerde wagens van het parkoers waren gesleept gingen wij op pad voor een koers van 50 minuten plus 1 ronde. Op het rondenbord begonnen we met 50, niet om aan te geven dat we 50 rondjes moesten, maar om aan te geven hoeveel minuten we nog moesten rijden. Is even wennen, maar eenmaal de koers op gang en wetende hoe lang we over een rondje deden werd in het vervolg toch omgerekend naar hoeveel rondes we nog moesten rijden. Toch even een stukje makkelijker. Al met al geen heel lange wedstrijd dus, maar achteraf meer dan genoeg. Wat is dat parkoers van Draai / Volksronde een zware kluif. Op een stukje asfalt na loopt het parkoers voor geen meter. Het was echt werken geblazen.

Het werken begon meteen al toen na het luiden van de bel als teken van vertrek, 3 man er vandoor gingen. We waren nog geen 50 meter ver of ze spoten al weg, Rinie van Zundert, Ruud Goorden en Johan Pemen. Zulke snelle starts zijn niet (meer) voor mij weggelegd. Met een gierend hoge hartslag en in ademnood verkerend legde ik de 1e ronde af. De mannen vooraan reden gelukkig niet heel ver weg en nadat enkele ronden later Wim de Vos als eerste de oversteek maakte volgde de rest niet heel veel later.


Onder impuls van van Zundert ontstond daarna een nieuwe kopgroep, waarbij opnieuw Pemen en Goorden samen met Bas Dirven aansloten. Terwijl zij een ronde of 2 voor ons uitreden, vond ik het tijd om er toch ook maar naar toe te rijden. De eerste honderden meters van mijn achtervolging zat alles nog in mijn wiel, maar iets verder zag ik dat ze achter me kraakten en reed dus alleen door. Maar het werd nog een heel karwei om bij de 4 te komen. Ik had er meer dan een ronde voor nodig, voor ik goed en wel in het wiel zat. De benen waren ook niet super, dat merkte ik van tevoren al, en het parkoers was erg slopend.

 

Dit ging de slag zijn, dat werd wel duidelijk. Op de groep bouwden wij de voorsprong uit, met een paar seconden per ronde tot ruim een halve minuut. Op een eerste achtervolgende duo, Tony Verschuuren en de Vos bleef de voorsprong rond de 20 seconden schommelen. Op zich niets aan de hand dus.

Al snel kwamen we in de finale, waarin niemand (nog) initiatief nam om weg te springen en zo gingen we met vijven op de steeds drukker worden Kade de laatste ronde in. Op zich had ik het wel een keer moeten proberen, maar ik had er echt de benen niet voor. Een sprint zat er dus aan te komen.

Maar niet nadat we eerst nog tegen Dirven hadden gezegd dat hij 5e moest worden. De hele tijd in de kopgroep geen werk doen en dan toch mee sprinten is not done. Dirven was het daar niet mee eens en gaf aan wel mee te zullen doen. In de discussie die toen ontstond, ging heel de snelheid eruit en zo kon het gebeuren dat de 2 achtervolgers nog aan konden sluiten in de ultieme slotfase. Een misrekening. In de sprint die op gang getrokken werd net voor het opdraaien van de Kade was mijn rol snel uitgespeeld en werd hierdoor 7e. De winst ging naar Goorden, voor van Zundert en de Vos bij een wedstrijd die zeker voor herhaling vatbaar is, alleen moet dan het laatste deel van het script anders geschreven worden.