Rozenburg 14-06-2014

De dag nadat Nederland Spanje in de pan hakte had ik het voornemen dat euforische gevoel voor mezelf vandaag een voortzetting te geven.
Maar ja, zo waren er nog 60 anderen aan het vertrek.

Het idee om van begin af aan actief mee te doen kon 6 minuten voor de start alweer de vuilnisbak in. Weer zon beetje als laatste man naar de start gereden en weer een positie achteraan. En dat op een rondje van een ietsiepietsie meer dan 1 kilometer en waar met hoge snelheid gereden wordt, geen handige actie, zoals ik daar 2 jaar geleden ook moest ervaren.

Maar ja.
Actief meedoen deden de renners van de Mol.
Eigenlijk meteen reden er 2 van die club weg; Johan van der Eijk en Witten Anthonisse.
Op het winderige rondje pakten zijn een seconde of 15 voorsprong en hielden dat de nodige rondes vol. Dat was mede te danken aan het afstoppende werk van andere renners van de Mol, die telkens in 2e, 3e of 4e wiel doken en zo telkens het tempo deden stokken als er overgenomen moest worden.

Inmiddels was ik naar voren gereden in de groep en had samen met Niclas Vermaas op kop gereden om het gat kleiner te maken en daarna enigszins gefrustreerd wat woorden gewisseld met die afstoppende Mol-mannen. Gaandeweg begonnen de 2 vooraan gelukkig toch wat van hun pluimen te verliezen en was het Jan-Wouter Roos die als eerste de aansluiting maakte en daarna de rest.

Wetende hoe die Mol-mannen in de koers zaten was het zaak daarop te anticiperen.
Regelmatig sprong er wel eentje weg, maar die werden snel gecounterd. Ook Peter van Leeuwen waagde een poging, maar ook hij moest snel de duimen leggen.

Met nog een ronde of 15 te gaan, zag ik Pieter Mies wegspringen, hij kreeg een renner van de Mol mee, de andere Anthonisse deze keer; Lieven en John Roos. Dit leek mij een kansrijk trio en ik ging erachter aan. Ik slaagde erin de aansluiting te maken en zo waren we met vieren weg. En ja, hoe wispelturig is een mens, nu hoopte ik uiteraard wel dat de mannen van de Mol er opnieuw het blok op zouden gooien. Puur eigenbelang dus.

Pieter en ik deden veruit het meeste kopwerk. Ik probeerde daarbij ook nog de leidersprijs te pakken. Maar toen ik 8 ronden voor het einde te horen kreeg dat ik alle punten nog zou moeten pakken, wilde ik er mee stoppen om punten te pakken.
Anderzijds zou het wel een leuk scenario zijn. Alle punten pakken betekende immers ook winnen. Zo gezegd, zo gedaan.
Tot aan de bel deed verder niemand een poging om weg te komen.
Ik zag mijn kans schoon bij het uitkomen van de laatste bocht. Ik dacht dat de medekoplopers zouden verwachten dat ik rustig naar de streep zou rijden om het voorlaatste puntje te pakken. Ik probeerde ze juist te verrassen door bij het uitkomen van de bocht hard aan te zetten. Bij het luiden van de bel had ik een gaatje, maar helaas te weinig punch om echt door te zetten. Ik zag Anthonisse een stukje verder aan komen, maar ik kon hem niet meer opvangen. Ook Pieter passeerde me nog. Roos bleef op veilige afstand.
De overwinning dus voor Anthonisse voor een balende Mies. Voor mij geen overwinning, geen leidersprijs maar een 3e stek. Desalniettemin een tevreden gevoel.