Kasteelronde Mill 10-05-2015

Op naar het Oost-Brabantse Mill vandaag.
Doel: Moederdagbloemen verdienen.
Uitkomst: Missie mislukt. (maar het scheelde niet veel)

Af te wachten was hoe de benen vandaag zouden zijn. Na het geweld van de wind gisteren leek de pijn toch nog niet helemaal uit de benen te zijn. De wind daarentegen stelde vandaag daarentegen weinig voor. Een wereld van verschil.

Ondanks dat dit rondje voor een groot deel buitenaf wordt verreden en elke ronde het peloton op een plaats niet ver voor de finish zich door een nauwe trechter moet wringen, ervaar ik het jaarlijks toch als een alleraardigste omloop.

Om de ambities kracht bij te zetten, vandaag weer eens vanaf de 1e startrij vertrokken. Was ook de 1e keer dit jaar dat het wachten op het startschot met een lekker schijnend zonnetje en een lekkere temperatuur geen straf was.

De eerste rondes kon ik mooi voorin blijven. Een man was op avontuur gegaan, maar nog zo vroeg in de koers zagen blijkbaar weinig anderen het nut ervan in om dit samen met hem te doen. Na een paar rondjes trok de groep door en werd hij weer bij zijn lurven gegrepen. Snel daarna leek een duo wel een heel serieuze poging te zijn begonnen. Tony Berends en nog eentje liepen aardig weg en behielden lange tijd een voorsprong die varieerde tussen de 15 en 20 seconden. In het peloton werden dan toch de ruggen weer gekromd en de 2 werden gegrepen.

Zou het dan een sprint met de groep gaan worden ? Want met nog 5 ronden te gaan zat alles bij elkaar. Dat ging echter niet gebeuren, want zoals wel vaker gebeurt weet er op het laatst wel eens een groepje weg te rijden, waarna men in het peloton elkaar aan gaat zitten kijken om de eigen winstkansen niet op te hoeven offeren.

Zo ook vandaag; Corne Castein versnelde bij het opdraaien van een bochtige klinkerstrook. Harmen Brandwijk reageerde evenals nog een renner. Ik zat op dat moment mooi vooraan en dacht: ik moet mee.

En zie daar, precies op het juiste stukje van het parkoers (smal stuk net voor de finish) kwamen wij met vieren bijeen. De ronde daarop hadden we al 17 seconden en een ronde later oogde de voorsprong nog wat groter. Ik realiseerde me toen wel dat wij weg zouden blijven. Bij het luiden van de bel gold het credo: Hoe dit varkentje te wassen ? Ik had heel de koers al gemerkt, dat de sprintersbenen ontbraken (maar dat is eigenlijk altijd zo). De hele wedstrijd voelde ik al dat het op gang trekken, na de laatste bocht en met een goede 100 meter te gaan, best moeizaam ging.

Het plan was toen om als eerste het smalle stukje voor de finish te verlaten en zo als eerste het rechte eind op te draaien. Tot 15 meter voor de laatste bocht klopte mijn scenario, maar Brandwijk en de andere Jeroen in de kopgroep passeerden met net voor het opdraaien. Op het laatste stukje kon ik ook Castein niet afhouden en werd de 4e plek mijn deel. Brandwijk won de wedstrijd met een gering verschil.

Hoewel de missie mislukte, toch met een tevreden gevoel huiswaarts gekeerd.