Colijnsplaat 17-06-2017

De meeste renners waren al een half uur van te voren aan het warm rijden en terwijl ik nog in mijn gewone kloffie aan de kant zat ontlokte dat menige deelnemer tot een reactie in de trant van “rij jij niet ?”. Jawel hoor, maar ik vond dat ik tijd genoeg had.

(Toch) op tijd aangekleed en in de hoop dat we niet ingehaald zouden worden door de, 1 minuut voor ons gestarte, amateurs werden we onder een strakblauwe hemel op gang geschoten voor 50 kilometer koers, iets van 20 rondjes.

Na een paar rondjes vindt Niky Deijkers zijn moment gekomen om in de aanval te gaan. Dat hij goed in orde was bleek wel uit het feit dat hij ongeveer 8 rondjes voor ons uit kon blijven rijden. Weliswaar met een zeer wisselende voorsprong. Waren het er de ene 15, de daaropvolgende ronde 7 en de dan daar weer opvolgende ronde weer 13 seconden. Telkens als de groep even in gang schoot nam de voorsprong zienderogen af, maar even vaak viel de groep ook weer stil.

Tony Verschuuren probeerde in zijn eentje nog de kloof naar zijn ploegmaat te dichten, maar bleef ergens halverwege hangen om dan teruggenomen worden door de groep. De volgende die probeerde was Dennis Raadtgever. Precies in de ronde dat er een superpremie werd verreden, probeerde hij het, maar bij het inrijden van her dorp werd ook hij weer teruggepakt. De volgende die het probeerde was Michele Somers, hij slaagde wel, maar niet zoveel later sloot de groep ook aan.

Toen een ronde of 6 voor het einde een nieuwe superpremie ( een zeehondentocht voor 2 personen
J ) werd aangekondigd, reed er een duo weg. Ruud Havermans zocht de aanval, niet veel later gevolgd door opnieuw Deijkers. Achter hen reageerde ik op een uitval van Erik Meerkerk, ook Somers sloot aan. Weliswaar pakten we allemaal nog een premie mee, maar na 2 rondjes sloot de groep weer bij ons aan.

In de diepe finale ging Verschuuren opnieuw in de tegenaanval, hetgeen hem wel een mooie 3e plaats in de uitslag opleverde. Bij de 2 vooraan sprintte – the man of the match – Deijkers naar de overwinning.

Zelf zat er voor mij misschien nog net een klein prijsje in, ware het niet dat er voor me in de laatste bocht onderuit werd gegaan en ik mijn snelheid helemaal verloor en daardoor ook prijsloos naar huis moest. Alhoewel niet vallen ook een prijs is.