Patrijzenjacht Colijnsplaat 21-06-2014

Op deze midzomeravond afgereisd naar Colijnsplaat, aan de voet van de Zeelandbrug.
Hoewel ze daar toch al enige jaren hun criterium, de Patrijzenjacht, organiseren had ik er nog nooit aan de start gestaan.
Het betreft daar een ronde van een kleine 3 kilometer, met van alles wat in het parkoers. Klinkerstroken die niet lopen, een snel asfaltstuk en nog een stuk met wind op de kant. Reken daar de zeer aanwezige wind bij en zie daar de ingredienten voor een behoorlijk slagveld.

Waarom het criterium de Patrijzenjacht is mij onduidelijk, laat staan dat ik een patrijs herken. Maar gejaagd werd er wel. Deze keer op een eenzame vluchter. En dat kan natuurlijk weer op niemand anders zijn dan op Ruud Havermans. Zie je hem aan de start, dan weet je wel zeker dat er koers gemaakt wordt. Vandaag had hij aan een poging of 5 genoeg om de rest los te gooien. Alhoewel er achter hem zeker wel pogingen werden ondernomen om hem terug te nemen, was de vogel (aha, vandaar die patrijs misschien) gaan vliegen. Hij reed gewoon een halve minuut van zijn eerste achtervolgers weg.

Dat groepje achtervolgers ontstond in de ronde nadat ik met John Haast en Niky Deijkers even vooruit had gereden. Toen wij werden teruggepakt, ging Dennis van den Ouden er van door. Deijkers sprong attent mee, net als een derde (voor mij onbekende) renner. Dit trio kreeg wel de ruimte en fladderde ook weg. Ik probeerde nog de sprong naar hen te maken, maar die mislukte. De drie reden ook verder van ons vandaan, waarbij het me ineens opviel dat de groep aardig gedecimeerd was. Blijkbaar waren de nodige renners eraf gereden, want wij reden nog maar met een groep van 11 man rond.

Uit die groep van 11 sprong wat later Pieter Mies weg. Hij reed een ronde lang voor ons uit en toen sprong John Haast naar hem toe, niet veel later toog ik ook ten aanval en reed naar de twee voor me. Van achteren kwam verder niemand meer en wij zetten ons vizier op de mannen voor ons. We naderden hen wel, maar met slechts een paar seconden goedmaken per ronde gingen wij dat niet redden.

Havermans reed derhalve onbedreigd naar de overwinning, reed solo ook nog de snelste rondetijd en werd uitgeroepen tot strijdlustigste renner.
Achter hem won Deijkers de sprint voor plek 2, voor van den Ouden die de 3e podiumplek pakte.

Haast was in mijn groepje niet onverwacht de rapste. Ik niet onverwacht de minst rappe.

Al met al wel een leuke koers gereden en meteen ook begrepen waar de Zeeuwse wapenspreuk Luctor et Emergo (Ik worstel en kom boven) - zijn oorsprong gevonden heeft.
Het stuk parkoers in het hart van het havendorpje begon met een lastige klinkerstrook, vervolgde met een lastige finishpassage met daarna nog een verschrikkelijk klimmetje op slechte stenen. Elke ronde verder werd de worsteling groter om daar boven te komen.
Maar boven kwamen we.
Zie daar Luctor et Emergo in optima forma.